Overslaan naar de hoofd content

Margreet Ridder

Drie tips voor Sandra en haar collega’s

Drie tips voor Sandra en haar collega’s

Tips om collega’s te helpen hun verantwoordelijkheid te nemen!

Pling, daar hoor ik het seintje van mijn mailbox. Mijn nieuwsgierigheid wordt gewekt door een noodkreet van blogger Sandra in tijdschrijft Nursing: ‘Collega’s  neem verdorie eens verantwoordelijkheid’!

Blogger Sandra uit haar frustratie over het feit dat niemand van haar collega’s de verantwoordelijkheid neemt om kapotte apparaten te melden; computers, po spoelers, etc. Met de toch al hoge werkdruk wordt het werk nu nog lastiger omdat er minder werkende apparaten beschikbaar zijn.

Tips voor collega's

Herkenbaar nietwaar? Ik herken het in ieder geval we en aan de reacties op de blog van Sandra te zien, ben ik niet de enige. Ik denk dat Sandra het best prettig zou vinden als dit eens opgelost wordt. Daarom speciaal voor Sandra en haar collega’s drie tips die je helpen om dit soort ergernissen te voorkomen.


Spreek ook iets af over consequenties als men zich niet aan afspraken houdt!

Op elke afdeling zijn afspraken over opruimen, kapotte apparaten, bestellen van spullen etc.
Maar als er geen consequenties zijn voor diegene die zich niet aan de afspraken houdt, dan wordt het inderdaad heel makkelijk om te denken: ‘wie na mij komt die red het wel’ Spreek bij je volgende teamoverleg dingen af over consequenties en verzin een paar mooie ‘straffen’ voor als iemand iets laat liggen. Je kunt hier heel creatief mee om gaan. Bijkomende voordeel is dat je meteen merkt of men de afspraak belangrijk genoeg vindt. Hoe belangrijker men de afspraak vindt, hoe zwaarder de consequentie. Maar let er wel op dat je alleen consequenties verzint die uitvoerbaar zijn. Denk maar aan het dreigement dat je je ruziemakende kinderen uit de auto zet terwijl je op de snelweg zit. Dat zul je niet snel doen en je kinderen weten dat.


Motiveer elkaar om direct actie te ondernemen. Bijvoorbeeld door een beloning klaar te leggen, een mooie reep chocola, een tegoedbon voor bloemen. Iets waarvan je weet dat je collega’s het leuk vinden om te krijgen. Maar dan moet iemand echt aan kunnen tonen succesvol een melding te hebben gedaan!


Stel jezelf in teamverband eens de volgende vraag: Wat voor team willen wij zijn? In een reactie op Sandra’s blog schreef iemand: Niet mopperen, maar opperen. Een mooie uitspraak. Mopperen is een reactie op dingen die niet soepel verlopen, maar het is alleen maar een reactie. In mopperen zit geen beweging, het haalt zelfs de energie uit het team. Opperen is proactief, iets waar wel beweging in zit. En als je dat met elkaar goed doet, levert het energie, opent het je creativiteit voor een goede oplossing zodat een kapot apparaat niet meer voor zoveel frustratie hoeft te zorgen, dat los je met elkaar even op. Wat voor team wil je zijn? Een team met mopperaars of opperaars?


Ik wens Sandra en haar collega’s veel plezier bij het toepassen van deze tips.

Lees hier het blog van Sandra

Als je tijdens een gesprek te hard aan het werk bent

Als je tijdens een gesprek te hard aan het werk bent

Hoe je ervoor kunt zorgen dat een gesprek je zowel resultaat als energie oplevert

Ongemerkt kunnen gesprekken je veel energie kosten. Dat komt omdat je zelf veel te hard aan het werk bent tijdens een gesprek waardoor je niets bereikt. ‘Het is als trekken aan een dood paard’, verzuchtte een deelnemer laatst.

Een paar minuten later bleek dat hij op een zeer pijnlijke plek gewond was en dat zijn agressieve gedrag alles te maken had met de ondraaglijke pijn die hij doorstond.

te hard aan het werk

Hoe weet je dat je te hard aan het werk bent tijdens een gesprek? Vraag je het volgende af:

  1. Heb je vaak het gevoel dat het eigenlijk geen zin heeft om dit gesprek te voeren?
  2. Ben je zelf vrij veel aan het woord tijdens een gesprek?
  3. Reageert de ander vaag en afwijzend?
  4. Ben je veel oplossingen aan het aandragen?
  5. Reageert de ander vaak met ‘ja maar…’
  6. Heb je na het gesprek het gevoel dat je niks bent opgeschoten?
  7. Zie je in de praktijk geen resultaat van je gesprek?

Als maar een of twee van bovenstaande signalen herkenbaar zijn kun je er al vanuit gaan dat je te hard werkt tijdens een gesprek. Je zult dan vast het gevoel herkennen dat je soms aan een dood paard staat te trekken.

Dat je te hard werkt tijdens gesprekken ontdek je pas als je heel veel moeite krijgt met een bepaalde collega of patiënt. Gesprekken met die persoon zorgen bij jou altijd voor frustratie.
Je gaat vooraf aan het gesprek met diegene al piekeren, je verliest vertrouwen in je overtuigingskracht. Je bent achteraf aan het bedenken wat je eigenlijk had willen zeggen en soms wordt je achteraf boos omdat je merkt dat jouw woorden geen enkel resultaat hebben opgeleverd.

Hard werken tijdens een gesprek is een constante energielek. Langzaam maar zeker kost het meer en meer energie. Maar nu ga ik iets zeggen wat je misschien verbaasd: Het heeft niets met die ene collega te maken! Die ene collega is een trigger waardoor jij ontdekt dat je te hard werkt tijdens een gesprek. Dat maakt dat je het gevoel hebt dat je geen invloed hebt. Die ene collega spiegelt ongemerkt jouw gedrag waardoor het voelbaar wordt dat je langzaam maar zeker leegloopt op gesprekken. Dit is een onbewust proces zowel voor jou als voor je collega.

Ik merk het regelmatig tijdens rollenspel. Wanneer ik met de te harde werkers een feedbackgesprek oefen of een begeleidingsgesprek. Tijdens het rollenspel krijg ik volop de ruimte om niks te doen. Ik hoef alleen maar vage antwoorden te geven en elke oplossing die me geboden wordt kan ik simpel afwijzen. Ik krijg alle ruimte om mezelf zielig te vinden, om niet zelf na te denken over een goede oplossing etc.


Na het rollenspel, als ik feedback geef op wat er zojuist gebeurde, begin ik dan ook vaak met de volgende zin: ‘Wat ben jij een fijne collega zeg. Jij werkt voor twee personen tegelijk. Ik hoef bij jou niets te doen. Heerlijk.’

Vaak zorgt mijn reactie voor de nodige verwarring en dat is precies mijn bedoeling. Het is namelijk ongezond om te hard te werken tijdens gesprekken en je helpt er de ander totaal niet mee. Veel deelnemers ervaren dit als een enorme eye-opener. Dit zijn momenten dat de kwartjes vallen.

Valt er bij jou ook een kwartje tijdens het lezen van dit blog? Ben jij ook een te harde werker tijdens een gesprek?

  1. Laat stiltes vallen, zodat je de ander ruimte geeft om te anwoorden.
  2. Stel open vragen en wees oprecht benieuwd naar het antwoord.
  3. Spreek vanuit jezelf.
  4. Stop met oplossingen aan te dragen, vraag oplossingen van de ander en neem geen genoegen met een afwijzend of vaag antwoord.
  5. Stuur op concreetheid.
  6. Maak duidelijke afspraken en spreek ook consequenties af.

Dit is net zo goed hard werken, met het grote verschil dat je energie krijgt van het gesprek omdat je resultaat bereikt. Gesprekken waarbij je bovenstaande aandachtspunten inzet zorgen dat jij je gehoord voelt. Dat je de ander beter snapt en dat je samen hebt kunnen kijken naar de mogelijkheden ter verbetering. Deze gesprekken leveren naast plezier en zelfvertrouwen ook energie!

Training Communicatie

Goede communicatie is enorm belangrijk in de zorg. Hierin ben je niet zo snel uitgeleerd. Wil je meer weten?

Als je begrijpt wat ik bedoel!

Als je begrijpt wat ik bedoel!

Hoe kan ik mijn collega vertellen wat me stoort aan onze samenwerking, zonder deze te verpesten?

De meeste zorgprofessionals zijn gericht op harmonieuze samenwerking. Met als gevolg dat je wordt uitgedaagd als deze voor jou niet prettig verloopt.
Op het moment dat er zich iets voor doet in de samenwerking ontstaat er bij veel zorgprofessionals een intern conflict.

Als je begrijpt wat ik bedoel

Als je iemand wilt aanspreken op gedrag waar je je aan ergert, dan is het belangrijk dat je duidelijk bent

In de training zit Simone. Ze vertelt over een collega waarmee de samenwerking moeizaam verloopt. Simone voelt zich door het gedrag van de collega in een ondergeschikte rol geduwd. Simone: ‘Ik ben gediplomeerd en ik werk sinds een jaar op deze afdeling, maar bij die ene collega voel ik me net een klein kind. Zij werkt er al 15 jaar. Ze is heel aardig maar ook enorm irritant omdat ze me blijft vertellen wat ik moet doen. Ze moet toch inmiddels wel weten dat ik er al een jaar werk en dat ik weet wat ik doe. Maar ja, volgens mij kan ze moeilijk met kritiek omgaan, en ik merk dat ze niet zo goed luistert als je probeert haar ergens op aan te spreken. We werken al een jaar op deze manier, ik vind het gek als ik ineens ga zeggen dat ik het zo niet prettig vind. Bovendien kan ze behoorlijk pittig reageren en ik moet wel met haar blijven samenwerken. Ik ben bang dat ik onze relatie verstoor als ik haar vertel waar ik me aan erger.

Simone’s gedachten wisselen elkaar in snel tempo af. De collega is meer ervaren en heeft meer autoriteit. Maar de werkrelatie wordt ongelijkwaardig omdat ze Simone alsmaar vertelt wat zij moet doen. Simone heeft veel ontzag voor de jarenlange ervaring van de ander. Neemt niet weg dat ze wel voor vol wil worden aangezien. En Simone is bang voor de reactie van de collega, waardoor ze tot nog toe haar ergernis niet heeft durven laten zien.

We besluiten een feedbackgesprek te oefenen. Simone zegt: ‘Ik zal wel moeten want inmiddels lig ik ’s nachts te piekeren als ik weet dat ik de volgende dag met haar moet werken. Het staat mijn functioneren echt in de weg. Ik merk ook dat ik haar te kort doe, ik krijg een hekel aan haar terwijl ze echt wel heel aardig is.’

Simone knoopt een gesprek aan met de actrice die de collega speelt, en probeert haar voorzichtig te vertellen dat ze last heeft van diens gedrag. Simone is duidelijk bang om de gevoelens van de ander te kwetsen; ze gebruikt veel verkleinwoorden en te lange zinnen. Ik zie het effect bij de actrice. Die verliest de aandacht. Terwijl Simone heel hard aan het werk is, zit de actrice te gapen en kijkt om zich heen. Simone stopt het spel: ‘Dit doet ze in het echt ook. Het heeft toch geen zin zo. Ik heb wel vaker geprobeerd om met haar te praten maar ze luistert gewoon niet’.

Ik vraag aan de actrice waarom zij haar aandacht verloor. De actrice zegt: ‘Ik snapte helemaal niet wat je me wilde zeggen, ik dwaalde af. Het was me ook helemaal niet duidelijk dat je probeerde om mij iets te vertellen over mijn gedrag. Ik vond dat je zat te zeuren om niks’.

Juist omdat Simone probeerde de gevoelens van de ander te sparen werd ze onduidelijk en kwam de boodschap niet over. De ander ergerde zich zelfs.

6 tips die je helpen om je boodschap duidelijk over te brengen:

Begin met te vertellen waar je het over wilt hebben. ‘Ik wil het met jou over onze samenwerking hebben.’

  1. Gebruik korte zinnen. Laat af en toe een stilte vallen zodat de ander ruimte krijgt om te reageren.
  2. Vermijd voorzichtige woorden zoals: eigenlijk, een beetje, misschien. Ze voegen niks toe.
  3. Spreek vanuit jezelf.
  4. Stel vragen ter verduidelijking, als je de ander niet begrijpt.
  5. Check of jij voor de ander duidelijk bent.
  6. Zie het gesprek als een dialoog, in plaats van een discussie waarbij je probeert je gelijk te krijgen of je gram te halen.

Met feedback help je elkaar om betere professionals te worden. Dit komt de samenwerking altijd ten goede.

 

Simone begon het gesprek opnieuw. Dit keer legde ze uit wat ze wilde bespreken en wat haar dwars zat. Ik zag dat de actrice zorgvuldig luisterde. Ze begreep precies wat Simone bedoelde.

Training Omgaan met Agressie in de Zorg

Goede communicatie is enorm belangrijk bij het voorkomen van agressie. Hierin ben je niet zo snel uitgeleerd. Wil je meer weten over het omgaan met agressie in de zorg?